Zelf je eten oogsten in Tilburgse voedseltuin: ‘Het is gemeenschapsboeren’

Foto: Bastiaan (links) en Henk (rechts) van Voedseltuin Sparrenhof

Niet naar de supermarkt, maar zelf met je handen in de aarde om groentes, kruiden, fruit en bloemen te oogsten: dat kan vanaf juni bij Voedseltuin Sparrenhof in Tilburg. “Het systeem is op solidariteit gebaseerd”, zegt initiatiefnemer Bastiaan Milo.

Het is de plukervaring die deze tuin zo bijzonder maakt, zegt Bastiaan. “Er is geen ander initiatief in de buurt waar je een abonnement afsluit en dan zelf een keer in de week komt oogsten”, zegt hij. De tuin is open van juni tot en met december.

Bietjes, paksoi, sla, koolrabi en aardbeitjes: ze staan allemaal in de grond, klaar voor de eerste ronde in juni. “Het is leuk om te zien dat de tuin begint te leven, dat de plantjes aan het groeien zijn”, zegt de initiatiefnemer.

Tekst gaat door onder de foto.

Foto: screenshot video voedseltuinsparrenhof.nl
Oog voor het bodemleven

De voedseltuin werkt volledig zonder plastic en heeft oog voor het bodemleven. “We gebruiken een niet-kerende grondbewerking”, zegt Bastiaan. “Dan kunnen wormen, schimmels en bacteriën ongestoord hun ding in de bodem blijven doen.” En dat is dan weer goed voor de gewassen, meent Bastiaan.

In grootschalige landbouw wordt vaak wel regelmatig in de grond gewoeld. “Ik denk dat het ooit begonnen is met pesticiden om insecten te verjagen. Die producten verarmen de grond”, legt Bastiaan uit. Vervolgens moet je voeding mengen in de bodem en dat verstoort dan weer het bodemleven. “Dit is geen middelvinger naar het verleden”, stelt de initiatiefnemer. “We hebben nieuwe kennis, laten we die dan ook gebruiken.”

Kennis delen

Kennis delen is ook op een andere manier onderdeel van de tuin. Bastiaan kan zich voorstellen dat niet iedereen weet hoe een paksoi of koolrabi uit de grond gehaald moet worden. “We laten in een videootje zien wanneer iets rijp is en hoe je dat oogst”, legt hij uit.

“Het is ook belangrijk om uit te leggen dat we met z’n allen zijn en dat we de oogst moeten delen: als deze in overvloed is, maar ook als deze slecht is”, gaat Bastiaan verder. “Het is gemeenschapsboeren, een systeem dat op solidariteit is gebaseerd.”

Tekst gaat door onder de foto.

Foto: screenshot video voedseltuinsparrenhof.nl

Het gemeenschapsboeren is niet het enige sociale stuk aan het project. “Mijn compagnon Henk en ik zijn ontzettend sociale mensen en willen een community bouwen rondom de tuin”, zegt Bastiaan. Met een groep vrijwilligers zorgen de initiatiefnemers ervoor dat bijvoorbeeld de moestuinbedden onderhouden worden en er een opgeknapte pipowagen is om even te zitten.

Samenwerken met jongeren

De voedseltuin staat op Landgoed Sparrenhof, dus de organisatie heeft een kort lijntje met stichting Natuurlijk Sparrenhof: een initiatief dat zich richt op de ontwikkeling van jongeren die bijvoorbeeld zijn uitgevallen op school of wachten op een verblijfsvergunning. “We zijn in een warm bad gevallen”, zegt Bastiaan. “We hebben meteen een groot netwerk waar we mee samen kunnen werken.”

Risico

Het enige risico dat Bastiaan momenteel ziet is het contract vanuit de gemeente. “Die kan niet langer dan een jaar verstrekken”, legt hij uit. “Dat betekent dat wij ieder jaar het risico lopen dat wij moeten stoppen terwijl wij een hoop investeren.”

Tekst gaat door onder de foto.

Foto: De tuin in aanleg / screenshot video voedseltuinsparrenhof.nl

Denk dan bijvoorbeeld aan de fruitbomen die vers in de aarde staan. “Die hebben nog jaren nodig om volle vruchten te kunnen dragen, die investering betaalt zich pas volledig uit over twee à drie jaar”, legt de initiatiefnemer uit. “We hopen maar dat de tuin zichzelf laat zien en dat de plek gaat groeien.”

‘Het kan niet mooier’

Toch kijkt Bastiaan positief naar het project. “Ik ben 42 jaar en heb al verschillende dingen gedaan in m’n leven, maar ik heb nu het idee dat ik ergens land waar het klopt”, zegt hij. “Buiten op het land werken met leuke mensen, voor mij kan het niet mooier.”

LEES OOK:
10-jarig jubileum van GroeiTuin013: ‘Dit moet nooit meer weggaan’

Manoek Lambregts